Gids

Bezwaar en beroep: de procedure stap voor stap

De verplichte bezwaarfase, de termijnen, de dwangsom bij niet-tijdig beslissen en de praktijkcijfers: zo werkt de bestuursrechtelijke procedure.

Wie het niet eens is met een besluit van een bestuursorgaan, kan daartegen voorziening zoeken. De Algemene wet bestuursrecht (Awb) regelt dat traject: eerst bezwaar, pas daarna beroep bij de rechter. Voor ambtenaren die besluiten nemen of bezwaar behandelen, is kennis van deze procedure vakbasiskennis.

Eerst bezwaar, dan de rechter

De bezwaarfase is verplicht: tegen een besluit kan geen beroep worden ingesteld voordat er op het bezwaar is beslist (artikel 7:1 Awb). De organisatie die het besluit nam, kijkt er dan zelf nog een keer naar. Dit geeft de bestuursorganisatie de kans om fouten te herstellen voordat een zaak naar de rechter gaat. Het effect is zichtbaar in de cijfers: in het bestuursrecht gaat ongeveer 42 procent van de zaken in hoger beroep, veel meer dan in civiel recht (10 procent), mede omdat er vrijwel altijd een bezwaarfase aan het proces voorafgaat (Rechtspraak in cijfers, jaarverslag 2025).

De termijnen

  • Bezwaar- of beroepschrift: binnen zes weken na bekendmaking van het besluit (artikel 6:7 Awb); de termijn vangt aan op de dag na bekendmaking (artikel 6:8 Awb)
  • Beslissing op een aanvraag: in principe binnen acht weken als geen wettelijke termijn geldt (artikel 4:13 Awb); verlengen kan (artikel 4:15 Awb)
  • Dwangsom bij niet-tijdig beslissen: de eerste veertien dagen 23 euro per dag, de volgende veertien dagen 35 euro per dag en daarna 45 euro per dag, tot een maximum van 42 dagen, oftewel maximaal 1.442 euro (artikel 4:17 Awb)
  • Beslissing op bezwaar: binnen zes weken na het verstrijken van de indieningstermijn, of twaalf weken als een adviescommissie is betrokken; de termijn kan voor ten hoogste zes weken worden verdaged (artikel 7:10 Awb)

Wat bezwaar en beroep doen met het besluit

Bezwaar en beroep hebben in de regel geen suspensieve werking: het besluit geldt door tijdens de procedure, tenzij de wet anders bepaalt (artikel 6:16 Awb). In spoedgevallen kan de rechter een voorlopige voorziening uitspreken (artikel 6:4 Awb).

Zo verloopt de procedure

  1. Het besluit wordt bekendgemaakt; de zeswekentermijn begint
  2. De belanghebbende dient een bezwaarschrift in
  3. Het bestuursorgaan hoort de bezwaarmaker
  4. Er volgt een beslissing op bezwaar: heroverweging, al dan niet met aanpassing van het besluit
  5. Nog steeds oneens? Dan volgt beroep bij de rechtbank (artikel 8:1 Awb)
  6. Waar de wet dat opent, kan daarna hoger beroep volgen

Veelgemaakte fouten bij de behandeling

  • De hoorplicht overslaan of te laat horen
  • Besluiten op bezwaar buiten de termijn laten liggen, met dwangsommen tot gevolg
  • Bij de heroverweging alleen terugkijken of het besluit formeel klopte, zonder de belangen opnieuw te wegen
  • Verwijzingen naar uitzonderingsgronden onvoldoende motiveren

Zo leer je het

Bezwaar en beroep zijn vaste onderdelen van het juridische opleidingsaanbod voor de publieke sector, van basiscursussen Awb-procedure tot verdieping voor juristen. Bekijk juridische opleidingen of trainingen over bezwaar en beroep.

Bronnen

  • wetten.overheid.nl, Algemene wet bestuursrecht (BWBR0005537): artikelen 4:13, 4:17, 6:7, 6:8, 6:16, 7:1 en 7:10
  • rechtspraak.nl, Rechtspraak in cijfers (jaarverslag 2025): hogerberoepspercentages per rechtsgebied

Bekijk alle opleidingen die bij deze gids passen.