De afgelopen periode zijn we in de regio Amsterdam-Amstelland verschillende keren opgeschrikt door ernstig geweld tegen vrouwen. In september kwamen we daarom met maatregelen om de veiligheid op straat te verbeteren. In december volgden aanvullende maatregelen. Welke acties hebben we inmiddels ondernomen en wat staat er de komende periode nog op de planning? En hoe zorgen we ervoor dat vooral ook jonge vrouwen betrokken zijn bij onze plannen?
We werken samen met politie, stadsdelen en andere partners aan maatregelen om de openbare ruimte socialer, veiliger en prettiger te maken. We doen dat op 3 manieren, namelijk met aanpassingen buiten op straat, door vrouwen te betrekken bij het maken van ontwerpen en te zorgen voor meer kennis binnen de gemeente.
Kijken met een ‘vrouwenblik’
De manier waarop vrouwen naar de openbare ruimte kijken, is belangrijk. Hun blik op de inrichting van bijvoorbeeld parken, tunnels en metrostations is een van de uitgangspunten bij het uitvoeren van de maatregelen. Zij kunnen aangeven waar zij zich onveilig voelen en meedenken over oplossingen. En het voordeel is dat de openbare ruimte zo niet alleen voor vrouwen, maar ook voor andere groepen zoals kinderen en ouderen, prettiger wordt.
Dit doen we buiten op straat
- Kaart met knelpunten. We hebben samen met de stadsdelen een kaart gemaakt waarop onveilige plekken in de stad staan. Op deze plekken pakken we bijvoorbeeld slecht zicht, slechte verlichting en achterstallig onderhoud aan. We verbeteren ook het meldsysteem, zodat we meldingen van Amsterdammers beter mee kunnen nemen in deze lijst.
- Verbetering Spaklerweg – Holterbergweg. In juni starten we met de verbreding van het fietspad met meer asfalt en verbeteren de verlichting. We snoeien waar dat nodig is. Daarna onderzoeken we hoe we fietsroutes zo kunnen inrichten dat vrouwen zich er prettiger voelen.
- Proef met dynamische verlichting. Tunnels en andere onderdoorgangen zijn overdag vaak te donker, en in de schemering en in de nacht juist verblindend. Daarom gaan we een test doen met 3 andere manieren om de onderdoorgangen te verlichten. We gebruiken hierbij indirecte verlichting, zodat je beter ziet wat er in de onderdoorgang gebeurt. We doen de test in Zuidoost, waar zeer veel onderdoorgangen zijn.
- Vrouwvriendelijke aanpak metro- en treinstations rond 13 metrostations in Zuidoost. De beleving van vrouwen en meiden, en personen met een beperking staat daarbij voorop. We letten op goede verlichting, de herkenbaarheid en vindbaarheid van de stations, zitplaatsen en onderhoud van de stations en omgeving. Om het gevoel van veiligheid te vergroten, komt er bij station Bullewijk een kiosk en bij Holendracht misschien een paviljoen. Op station Van der Madeweg staan nu al hosts vanaf 16.00 uur ’s middags tot en met de laatste metro.
- Herinrichting parken en pleinen met de input van vrouwen. In park Spieringhorn komen plekken speciaal voor vrouwen en meiden, openbare toiletten en beter overzicht. In het Flevopark en op Plein ‘40-’45 zijn vrouwen betrokken bij het bedenken van verbeteringen, zoals beter zicht, de aanpak van duistere hoeken en verstopplekken, toiletten en een ontmoetingsplek.
Onderzoeken, verkenningen en proeven
Intussen doen we onderzoek naar hoe vrouwen en meiden de stad ervaren. We zijn gestart met het testen van nieuwe ontwerpen in Zuidoost, Oost en Nieuw-West. Samen met onder andere vrouwen en meiden hebben we gekeken hoe we de openbare ruimte kunnen aanpassen aan hun behoefte en hun (gevoel van) veiligheid. Ook komt er een speciale proef voor veiligheid op een fietsroute in Noord.
Meer kennis binnen de gemeente
Ook binnen de gemeente gaan we aan de slag. Zo krijgen medewerkers trainingen om beter rekening te houden met verschillen in beleving van mannen en vrouwen. We breiden het team dat zich bezighoudt met openbare ruimte uit met experts op het gebied van gendergelijkheid.
Vervolgstappen
De gemeente wil dat deze aanpak vast onderdeel wordt van het dagelijks werk. Daarom kijken we ook hoe we kwetsbare plekken in de stad, zoals parken, stations en plekken rond scholen op de langere termijn beter kunnen beheren.
