Raad van State adviseert terughoudendheid bij uitbreiding vervanging Kamerleden en raadsleden
Een voorstel om de Grondwet aan te passen zodat volksvertegenwoordigers vaker tijdelijk vervangen kunnen worden, stuit op kritiek. De Raad van State adviseert om de plannen te heroverwegen, omdat de voorgestelde uitbreiding onvoldoende onderbouwd is en de werkdruk van politici niet wezenlijk vermindert.
| Onderwerp | Details |
|---|---|
| Initiatiefnemer | (Voormalig) Tweede Kamerlid Chakor (GroenLinks-PvdA), opgevolgd door Tseggai |
| Adviesorgaan | Afdeling advisering van de Raad van State |
| Doel voorstel | Uitbreiding gronden voor tijdelijke vervanging van volksvertegenwoordigers |
| Huidige gronden | Zwangerschap, bevalling, ziekte |
| Voorgestelde nieuwe gronden | Geboorte, adoptie, pleegzorg, ouderschap, langdurige zorg |
| Advies Raad van State | Terughoudendheid geboden; voorstel onvoldoende onderbouwd |
| Publicatiedatum advies | 30 maart 2026 |
De Raad van State is een onafhankelijk adviesorgaan dat de regering en het parlement adviseert over wetgeving en bestuur. In dit geval beoordeelt de Afdeling advisering de juridische en maatschappelijke haalbaarheid van een initiatiefwetsvoorstel, voordat het in behandeling wordt genomen.
Blij met Openrijk?
Steun ons dan met een kleine bijdrage
externe link naar whydonate.comLees hieronder het originele artikel
Advies over initiatiefvoorstel wijziging Grondwet tijdelijke vervanging volksvertegenwoordigers
De Afdeling advisering van de Raad van State heeft op 25 maart 2026 het advies vastgesteld over het initiatiefvoorstel van het (voormalig) Tweede Kamerlid Chakor (GroenLinks-PvdA). Het voorstel gaat over verandering van de Grondwet ter verruiming van de mogelijkheden tot tijdelijke vervanging van leden van de Tweede Kamer en de Eerste Kamer der Staten-Generaal, de provinciale staten, de gemeenteraden, de eilandsraden en de kiescolleges. Het advies is op 30 maart 2026 gepubliceerd op de website van de Raad van State.
Doel en inhoud van het wetsvoorstel
Volksvertegenwoordigers kunnen zich op verzoek tijdelijk laten vervangen. In de Grondwet is geregeld dat dit alleen mogelijk is in geval van zwangerschap en bevalling of vanwege ziekte. Het Tweede Kamerlid Chakor (inmiddels opgevolgd door het lid Tseggai, GroenLinks-PvdA) meent dat deze vervangingsgronden onvoldoende aansluiten bij de huidige behoeften van volksvertegenwoordigers. Zo wordt de mogelijkheid tot vervanging gemist in geval van geboorte, adoptie, pleegzorg, ouderschap en de verlening van langdurige zorg. De initiatiefneemster stelt daarom voor om die gronden voor tijdelijke vervanging in de Grondwet op te nemen.
Nut en noodzaak
De Afdeling advisering onderkent dat het verruimen van de mogelijkheid tot tijdelijke vervanging in bepaalde gevallen verlichting kan bieden. Zij wijst er ook op dat volksvertegenwoordigers een persoonlijk en bijzonder ambt vervullen. Uit de Grondwet volgt dat zij hun inspanningen in dienst van het algemeen belang en naar hun eigen overtuiging verrichten. De periode waarin een volksvertegenwoordiger wordt vervangen moet voldoende substantieel zijn om volwaardige vervanging mogelijk te maken en voldoende begrensd zijn om de herkenbaarheid van de volksvertegenwoordiging niet te ondergraven.
Gelet hierop is terughoudendheid geboden bij het verruimen van mogelijkheden tot tijdelijke vervanging. De toelichting op het wetsvoorstel toont nog onvoldoende aan dat de voorgestelde uitbreiding passend, noodzakelijk en effectief is. In veel gevallen zal tijdelijke vervanging slechts een beperkte bijdrage kunnen leveren aan het verbeteren van de werk-privébalans. Aan de werkdruk van volksvertegenwoordigers liggen immers verschillende en veelzijdige factoren ten grondslag.
De Afdeling adviseert daarom om de voorgestelde uitbreiding in de toelichting dragend te motiveren. Als dat niet mogelijk is, adviseert zij van het voorstel af te zien.
Begrenzing en uitwerking
De Afdeling advisering wijst verder nog op enkele aandachtspunten die met de begrenzing en uitwerking van de vervangingsregeling verband houden. Zo adviseert de Afdeling om ervan af te zien de gronden geboorte, adoptie en pleegzorg aan de Grondwet toe te voegen. Het betreft hier omstandigheden van korte en flexibele duur. Vervanging op die gronden is niet goed verenigbaar met het uitgangspunt dat een vervanger voldoende gelegenheid moet hebben om het ambt volwaardig waar te nemen. De gronden ouderschap en langdurige zorg zien daarentegen op situaties die een (zeer) lange periode kunnen beslaan. De Afdeling adviseert om in de Grondwet vast te leggen dat vervanging op deze gronden ononderbroken en van adequate duur is.
Om oneigenlijk gebruik tegen te gaan is het van belang om objectief vast te kunnen stellen dat een vervangingsgrond aan de orde is. In welke gevallen dat zo is en hoe dit kan worden aangetoond, verdient nadere aandacht. Indien dit voor bepaalde vervangingsgronden niet mogelijk is, adviseert de Afdeling vervanging wegens die betreffende grond niet mogelijk te maken.
Conclusie
De Afdeling advisering heeft een aantal bezwaren bij het initiatiefwetsvoorstel en adviseert het voorstel niet in behandeling te nemen, tenzij het is aangepast.
Lees hier het hele advies van de Afdeling advisering.
