Opgaven van de regio’s

Met een inzet op maatwerk en verbinding is het NPVR met elf regio’s een structurele samenwerking aangegaan. In de regio’s zijn veel kansen, maar ook serieuze opgaven. Veel regio's hebben oude en grote woningen, die niet passen bij de woonwensen van starters, ouderen en mensen met lagere inkomens. Het wegtrekken van jongeren en een vergrijzende bevolking zetten de continuïteit van zorg, onderwijs en openbaar vervoer onder druk. Door de beperkte beschikbaarheid van formele zorg groeit de afhankelijkheid van mantelzorgers en vrijwilligers. Tegelijkertijd wordt van inwoners verwacht dat zij meer gaan deelnemen aan de arbeidsmarkt vanwege de krapte. Hierdoor komen sociale structuren zoals mienskip, naoberschap en samenredzaamheid onder druk te staan.

Minister Rijkaart: “Ik geloof in de kracht van de regio, mensen voelen zich thuis waar ze wonen. Ze zijn trots op hun dorp, stad of streek. Die verbondenheid geeft elke regio een uniek karakter. Met het Nationaal Programma Vitale Regio’s versterken we samen wat regio’s uniek maakt.”

Onderzoek

Op verzoek van de Tweede Kamer heeft een extern onderzoeksbureau geraamd wat de som is van de totale opgaves in de elf regio’s. Hierbij zijn de drie doelen van het NPVR als uitgangspunt genomen: veilige en leefbare regio’s, een duurzaam en bereikbaar voorzieningenniveau en als laatste een gezonde en kansrijke toekomst voor inwoners in de regio. Hiervoor is de eerste indicatie dat dit ongeveer een miljard per jaar aan benodigde middelen van overheden en private partijen vraagt. Hierbij is nog geen rekening gehouden met bestaande geldstromen en met regionale verschillen. Bovendien is het aan een nieuw kabinet om te besluiten of extra middelen kunnen worden verstrekt.

NPVR

Het NPVR zet zich er voor in dat alle inwoners gelijkwaardige kansen hebben, ongeacht waar iemand geboren is en woont. De regio’s verschillen van elkaar, daarom is gebiedsgerichte samenwerking cruciaal. Dit vraagt om inzet van rijk en regio om opgaven effectief op te pakken en ervoor te zorgen dat de afstand tussen de rijksoverheid en regio’s aan de randen van Nederland niet oploopt. Er wordt verder op basis van de plannen van de regio’s onderzocht wat er per gebied nodig is. In de uitvoeringsagenda zal vervolgens voor de eerste vier jaar worden vastgelegd hoe rijk en regio hierin samen optrekken om de opgaves aan te pakken.