Witte biotechnologie in Delft: hoe microben onze toekomst duurzamer maken
Micro-organismen in Delft produceren al medicijnen, voedsel en materialen zonder vervuiling. Deze innovatie kan de eiwittransitie versnellen en de productie van alledaagse producten duurzamer maken, met steun van de provincie Zuid-Holland.
| Onderwerp | Details |
|---|---|
| Locatie | Biotech Campus Delft, Zuid-Holland |
| Organisatie | Planet B.io (innovatie ecosysteem) |
| Aantal bedrijven | 34 (van startups tot internationale ondernemingen) |
| Aantal medewerkers | ~1200 |
| Subsidie voor EGGcellent | Bijna €1 miljoen (provinciale subsidie) |
| Toepassingen | Melkeiwitten zonder koe, biologisch afbreekbaar plastic, duurzame brandstoffen |
| Partners | DSM-Firmenich, provincie Zuid-Holland, gemeente Delft, TU Delft, etc. |
| Initiatief | Protein Port (eiwittransitie) |
Planet B.io, gevestigd op de Biotech Campus Delft, fungeert als innovatiehub voor industriële biotechnologie. De provincie Zuid-Holland speelt een cruciale rol door financiering en beleidsmatige ondersteuning te bieden, waardoor wetenschap, bedrijfsleven en overheid samenwerken aan duurzame oplossingen.
Lees hieronder het originele artikel
Klein maar krachtig: hoe witte biotech onze toekomst bouwt
Stel je voor: een kleine fabriek die geen vervuiling uitstoot, geen schaarse grondstoffen verbruikt en toch medicijnen, voedsel en materialen maakt. Die fabriek bestaat al. Ze is microscopisch klein en levend; een micro-organisme. In Delft werkt een groeiende groep wetenschappers en ondernemers elke dag aan de vraag: hoe kunnen we deze kleine krachtpatsers inzetten om grote problemen op te lossen?
Wat is biotechnologie eigenlijk?
Cindy Gerhardt, managing director van Planet B.io, legt het met aanstekelijk enthousiasme uit. Ze werkt al twintig jaar op de Biotech Campus Delft en ziet de sector met eigen ogen groeien. Biotech klinkt ingewikkeld. Maar het idee erachter is verrassend simpel. Het woord is een samentrekking van biologie en technologie. "De biologie heeft bijna 4 miljard jaar de tijd gehad om ontzettend sterke en ingenieuze oplossingen te vinden om zo efficient mogelijk te overleven. Als je die oplossingen beter gaat begrijpen, kun je daar als mensheid heel veel van leren en deze kennis toepassen om onze manier van produceren veel efficiënter en ook nog eens duurzamer te maken."
Neem kaas. Om kaas te maken heb je stremsel nodig, een stofje dat melk laat stollen. Vroeger werd stremsel gewonnen uit de maag van kalveren. Niet efficiënt, niet diervriendelijk en slecht op te schalen. Nu maken micro-organismen datzelfde stremsel in een bioreactor: puur, veilig, snel en in grote hoeveelheden. Hetzelfde principe geldt voor insuline, antibiotica en tientallen andere stoffen die we dagelijks gebruiken.
Biotechnologie wordt vaak opgedeeld in drie kleuren. Rode biotech gaat over gezondheid en geneesmiddelen, zoals vaccins en medicijnen. Groene biotech gaat over planten, bijvoorbeeld tomaten die beter bestand zijn tegen droogte. En dan is er de witte biotech, ook wel industriële biotech genoemd. Dat is het terrein van Planet B.io en de Biotech Campus Delft.
Witte biotech: micro-organismen als productiemachine
Witte biotech draait om micro-organismen. Denk aan bacteriën, gisten en schimmels. We gebruiken ze omdat ze uitstekende productie fabriekjes zijn. Ze kunnen van nature stoffen aanmaken die wij nodig hebben. En met een kleine aanpassing kunnen we ze ‘leren’ om precies dat maken wat wij willen.
Het productieproces heet fermentatie en is een eeuwenoude technologie die we kennen van bier, wijn en kaasproductie "Micro-organismen vormen het allereerste leven op aarde, en zonder micro-organismen zouden wij niet kunnen bestaan. Ze lenen zich uitstekend als productiefabriekje omdat ze groeien op hernieuwbare grondstoffen, weinig ruimte innemen, weinig uitstoten, en weinig afval achterlaten.
Die toepassingen zijn verrassend breed. Op de Biotech Campus in Delft werken bedrijven aan melkeiwitten zonder koe, aan biologisch afbreekbaar plastic voor ziekenhuizen, aan duurzame brandstoffen en aan enzymen voor wasmiddelen. Wat ze gemeen hebben: ze gebruiken micro-organismen in bioreactoren in plaats van petroleum, kolenmijnen of vee.
Delft: de bakermat van industriële biotech
Delft heeft een bijzondere positie in de wereldgeschiedenis van de biotech. Al in de 17e eeuw keek Antoni van Leeuwenhoek hier voor het eerst door een microscoop naar cellen en micro-organismen. In 1869 werd in Delft de eerste gistfabriek van Nederland opgericht. En in 1984 produceerde het Delftse GistBrocades als eerste ter wereld stremsel met behulp van genetisch aangepaste bakkersgist.
Inmiddels worden duizenden producten wereldwijd met behulp van micro-organismen geproduceerd. En de Biotech Campus Delft is vandaag de dag nog steeds dé plek waar innovatieve oplossingen worden bedacht en naar de markt worden gebracht. Op het terrein van 40 hectare midden in de Randstad, werken zo'n 1200 mensen aan het ontwikkelen, opschalen en vermarkten van biobased innovaties. Er zitten inmiddels 34 bedrijven, van startups met één medewerker tot internationaal opererende ondernemingen. "We hebben hier goud in handen. We hebben de wetenschappers, de grote bedrijven, de productiecapaciteit, allemaal op één plek, midden in de Randstad."
De rol van Planet B.io en de provincie
Planet B.io is een innovatie ecosysteem dat zich volledig richt op de groei van de industriële biotechnologie sector. Dat doen we vanuit onze thuisbasis op de Biotech Campus Delft, waar we labs en kantoren aanbieden aan biotech bedrijven. Deze community helpen we door de juiste infrastructuur aan te bieden, maar ook door ze actief te ondersteunen in hun groei. Dat doen we door een groeiend netwerk van experts aan te bieden, zowel op gebied van technologie, als op gebied van commercialisatie. Buiten Delft zijn we actief als versneller en verbinder, en koppelen we het bedrijfsleven aan bijv. kenniscentra, investeerders, beleidsmakers. We werken nauw samen met onze 5 partners; dsm-firmenich, de provincie Zuid-Holland, de gemeente Delft, de TU-Delft, InnovationQuarter en a.s.r. Dutch Science Park Fund.
De Provincie Zuid-Holland is niet alleen medeoprichter van Planet B.io, ze financiert ook concrete projecten voor de community. Zo ontving het EGGcellent-project, dat werkt aan een veganistisch alternatief voor kippeneieren in de bakkerijindustrie, een provinciale subsidie van bijna één miljoen euro. Voor Cindy Gerhardt is de betrokkenheid van de provincie meer dan geld alleen: "We hadden dit nooit kunnen opbouwen zonder de support van de provincie. En ik ben daarvoor onvoorstelbaar dankbaar." De provincie vervult een unieke rol in Planet B.io, ze verbindt publieke belangen met private energie, zorgt dat haar beleid aansluit bij sterke innovatie initiatieven in onze provincie, ze zorgt door langdurige betrokkenheid voor vertrouwen en stabiliteit, en ze brengt partijen samen die anders misschien langs elkaar heen zouden werken.
Protein Port: eiwittransitie als kans voor Zuid-Holland
De witte biotech raakt direct aan een van de grootste uitdagingen van onze tijd: de eiwittransitie. De manier waarop we nu eiwitten produceren is niet duurzaam en niet toekomstbestendig. Er is een slimmere manier nodig. Dat is precies waar Protein Port op inzet. Dit initiatief, mede opgezet door de Provincie Zuid-Holland, Planet B.io en InnovationQuarter, werkt aan het versterken van het Zuid-Hollandse ecosysteem voor alternatieve eiwitten. Protein Port richt zich op zes gebieden: het verbeteren van infrastructuur en fermentatiefaciliteiten in de regio, het vinden en opleiden van talent, het beïnvloeden van regelgeving, het vergroten van marktacceptatie, het ontsluiten van financieringsmogelijkheden en het stimuleren van samenwerking tussen onderzoekers en bedrijven. Zo verbindt Protein Port de biotechkennis van de Biotech Campus Delft met de bredere ambities van de provincie op het gebied van duurzame voedselproductie.
De kansen zijn er, maar we moeten nu handelen
Planet B.io laat zien wat er mogelijk is als overheid, wetenschap en bedrijfsleven samenwerken. Jonge startups, vaak afkomstig van de TU-Delft, maar ook steeds meer uit het buitenland, kunnen er terecht vanaf één bureau of delen een lab. Grote bedrijven brengen hun kennis over opschaling en financiering in. De provincie zorgt voor continuïteit en verbinding. En midden in dat ecosysteem bruist het van de ontmoetingen, de ideeën en de doorbraken.
Maar om de sector echt te laten floreren is meer nodig. Meer ruimte voor productie, betere financiering voor scaleups, snellere en eerlijkere regelgeving. En het vertrouwen van financiers, beleidsmakers en burgers , dat de kleine micro-organismen in die bioreactoren op een duurzame, veilige en zuivere manier onze wergwerphandschoenen, ons vlees, onze medicijnen en onze brandstof kunnen maken.
Cindy Gerhardt sluit af met de gedrevenheid waarmee ze alles zegt: "Ik ben een bioloog. Ik vlieg de biotechnologie in vanuit mijn liefde voor de natuur, voor dieren, planten en voor biodiversiteit. Als ik zie dat er een manier is om circulair en biobased te produceren, dan blijf ik me zo lang als ik kan inzetten om deze technologie de plek te bieden in onze productieketen die ze verdient, en de wereld zo weer een klein beetje groener te maken.
