Rechter heft beslag Albert Heijn op bouwgrond Doesburg op: DekaMarkt kan verder met plannen
De rechter heeft het beslag van Albert Heijn op bouwgrond in Doesburg opgeheven. Dit betekent dat supermarktketen DekaMarkt doorgaat met de aankoop van de grond, wat invloed heeft op de ontwikkeling van het centrum van wijk Beinum.
| Onderwerp | Details |
|---|---|
| Partijen | Albert Heijn, DekaMarkt, Gemeente Doesburg, Becedo Vastgoed |
| Locatie | Bouwgrond in wijk Beinum, Doesburg (Gelderland) |
| Rechterlijke uitspraak | Beslag opgeheven, geen toekomstig recht op levering voor Albert Heijn |
| Eerdere uitspraak | 1 december 2025: Gemeente mocht grond aan DekaMarkt verkopen |
| Juridische basis | Didam-arrest (gelijke kansen bij verkoop overheidsgrond) |
| Hoger beroep | Albert Heijn is in hoger beroep tegen eerdere uitspraak |
De Rechtbank Gelderland behandelt civiele zaken, waaronder geschillen over eigendomsrechten en overheidsbesluiten. In deze zaak beoordeelt de rechter of de gemeente Doesburg volgens de regels heeft gehandeld bij de verkoop van bouwgrond en of Albert Heijn recht heeft op de grond.
Blij met Openrijk?
Serverkosten en ontwikkeling betalen we zelf. Een donatie wordt enorm gewaardeerd.
Lees hieronder het originele artikel
Beslag Albert Heijn Doesburg op bouwgrond opgeheven
De kortgedingrechter oordeelt dat niet aannemelijk is dat de Albert Heijn in Doesburg een toekomstig recht op levering van bouwgrond heeft. Dit betekent dat het beslag dat Albert Heijn legde op bouwgrond ten onrechte is gelegd en dat het beslag wordt opgeheven.
In een eerdere kort gedingprocedure vorderden de eigenaar van de lokale Albert Heijn en vastgoedontwikkelaar Becedo Vastgoed om de gemeente Doesburg te verbieden om bouwgrond in het centrum van de Doesburgse wijk Beinum aan de vastgoedontwikkelaar van DekaMarkt te verkopen. De vorderingen zijn door de kortgedingrechter in het vonnis van 1 december 2025 afgewezen. In dat vonnis oordeelde de kortgedingrechter dat de gemeente Doesburg DekaMarkt als de enige gegadigde voor de verkoop van de bouwgrond mocht aanmerken, zodat zij niet gehouden was om een openbare selectieprocedure te organiseren in de zin van het Didam-arrest. Dit arrest bepaalt onder andere dat de overheid bij de verkoop van onroerend goed gelijke kansen moet bieden aan potentiële gegadigden, tenzij objectief vaststaat dat er maar één serieuze gegadigde is.
De Albert Heijn liet vervolgens beslag tot levering leggen op de bouwgrond, omdat zij meent een toekomstig recht op levering van die grond te hebben. Dat recht wordt gefrustreerd bij verkoop van de bouwgrond aan DekaMarkt. De Albert Heijn ging vervolgens tegen het kort gedingvonnis in hoger beroep.
Beslag ten onrechte gelegd
In dit kort geding is het de vraag of aannemelijk is dat de Albert Heijn inderdaad een toekomstig recht op levering van de bouwgrond heeft. De kortgedingrechter oordeelt dat dit niet het geval is, ook als in hoger beroep zou worden geoordeeld dat de gemeente in strijd met de Didam-regels heeft gehandeld. Dat betekent dat het beslag ten onrechte is gelegd. Het beslag wordt daarom opgeheven. Omdat in de eerdere kort gedingprocedure al een rechterlijke toets heeft plaatsgevonden, hoeft de gemeente niet op de uitkomst van het hoger beroep te wachten met de voorgenomen verkoop en levering van de bouwgrond aan DekaMarkt.
