De naam lachgas houdt ons een beetje voor de gek, want zo onschuldig is het niet. Lachgas is bekend van de lachgaspatronen, maar het is ook een vrij onbekend en sterk broeikasgas. De hoeveelheid lachgas in de atmosfeer is sinds 1980 met ruim 20 procent toegenomen en neemt nu nog steeds verder toe met ongeveer 1 procent per 3 jaar. Lachgas heeft net als CO2 een lange verblijftijd in de atmosfeer (ruim een eeuw), voor methaan is dit 10 jaar. De bijdrage van lachgas aan de opwarming van de aarde sinds 1960 wordt geschat op ongeveer 6 procent, na CO2 en methaan een belangrijk langlevend broeikasgas.
Het eerste internationale “lachgas” rapport uit 2024
Eind vorig jaar verscheen het eerste internationale wetenschappelijke overzichtsrapport dat geheel gericht is op lachgas en de mogelijke maatregelen om de wereldwijde uitstoot ervan terug te dringen, zonder de voedselzekerheid in gevaar te brengen.
De door menselijk toedoen veroorzaakte toename van lachgas wordt grotendeels veroorzaakt door de productie en het gebruik van kunstmest en de toename van dierlijke mest door meer veeteelt wereldwijd (afbeelding 1). De uitstoot van lachgas is gekoppeld aan die van stikstofoxides (NOx) en ammoniak (NH3). Deze kortlevende stikstofcomponenten zijn in Nederland veel beter bekend dan lachgas, omdat ze belangrijk zijn voor de stikstofproblematiek en de luchtkwaliteit.
Stikstof en klimaat
Voor het klimaateffect van stikstof zijn zowel de kortlevende stikstofcomponenten als het langlevende lachgas van belang. Lachgas is een broeikasgas en draagt bij aan de opwarming van het klimaat. De uitstoot van stikstofoxiden en ammoniak draagt bij aan de vorming van fijnstof (aerosolen). Deze fijnstofdeeltjes hebben juist een verkoelend effect op het klimaat. Netto heeft het wereldwijd verminderen van de stikstofuitstoot een opwarmend klimaateffect op de korte termijn, maar het langlevende broeikasgas lachgas is doorslaggevend voor het klimaat op de lange termijn. Het wereldwijd tegengaan van de uitstoot van lachgas kan in belangrijke mate bijdragen aan het tegengaan van de opwarming van het klimaat. Het lokaal verminderen van de uitstoot van stikstofoxiden en ammoniak helpt de verslechtering van de natuur en luchtkwaliteit tegengaan.
In het internationale rapport wordt ook gepleit voor een “duurzaam” stikstofbeheer: de voordelen voor de voedselzekerheid blijven benutten en tegelijkertijd de nadelen voor natuur, gezondheid en klimaat zoveel mogelijk beperken. Om de klimaatopwarming te beperken is het terugdringen van de uitstoot van lachgas het belangrijkste. Lachgas draagt overigens ook bij aan de afbraak van de ozonlaag en in beperkte mate aan de stikstofdepositie wereldwijd (afbeelding 2).