Logo
Current Flag
Centraal Bureau voor de Statistiek
Cao-lonen in eerste kwartaal 5,5 procent gestegen
Bron publicatie: 3 april 25

Cao-lonen in eerste kwartaal 5,5 procent gestegen

In het eerste kwartaal van 2025 waren de cao-lonen (uurloon inclusief bijzondere beloningen) 5,5 procent hoger dan in hetzelfde kwartaal een jaar eerder. Sinds het derde kwartaal van 2024, waarin de cao-loonstijging met 6,9 procent de hoogste in ruim veertig jaar tijd was, is de cao-loonstijging afgenomen. Gecorrigeerd voor inflatie waren de lonen in het eerste kwartaal 1,8 procent hoger. Dit meldt het CBS op basis van nieuwe cijfers.

In de sector particuliere bedrijven namen de cao-lonen met 5,7 procent het sterkst toe. Bij de sector overheid zijn de lonen in het eerste kwartaal van 2025 het minst gestegen; 4,7 procent vergeleken met een jaar eerder. Bij de gesubsidieerde instellingen stegen de lonen met 5,4 procent.

Het merendeel van de zorg valt onder de sector gesubsidieerde instellingen. Bij een aantal grote cao’s in de zorg (o.a. verpleeg-, verzorgingshuizen, thuiszorg en jeugdgezondheidszorg (kortweg VVT); ziekenhuizen; gehandicaptenzorg en GGZ) ontbreken nieuwe definitieve cao-akkoorden. Er ligt inmiddels wel een voorlopig akkoord bij deze cao’s waarover in april gestemd gaat worden. Het percentage afgesloten cao’s in de gesubsidieerde sector ligt hierdoor op 41 procent.

In de bedrijfstak informatie en communicatie stegen de cao-lonen in het eerste kwartaal van 2025 met 9,6 procent het meest. De bedrijfstak overige dienstverlening (o.a. textielverzorging, kappers en uitvaartbranche) is met 8,8 procent ook een van de grootste stijgers in het eerste kwartaal.

In de bedrijfstak verhuur en handel van onroerend goed (woningcorporaties) bleven de cao-lonen gelijk. Een jaar eerder was de loonstijging in deze bedrijfstak juist nog het hoogst. In de gezondheidszorg is voor het merendeel van de cao’s begin 2025 geen nieuw definitief akkoord bereikt, waardoor de loongegevens voor deze bedrijfstak in het eerste kwartaal van 2025 ontbreken.

De contractuele loonkosten, de cao-lonen plus werkgeverspremies (pensioen, arbeidsongeschiktheid, werkloosheid en zorgverzekering), stegen in het eerste kwartaal van 2025 met 5,7 procent. Dit is iets meer dan de ontwikkeling van de cao-lonen. Dit komt voornamelijk doordat in 2025 de werkgeverspremies voor arbeidsongeschiktheid (AOF) en werkeloosheid (AWF) zijn gestegen, de premie voor ziektekosten is gedaald.

De reële cao-loonontwikkeling, waarbij het cao-loon wordt gecorrigeerd voor inflatie, lag in het eerste kwartaal op 1,8 procent. Hiermee loopt de reële loonontwikkeling al vier kwartalen achtereen terug.

De voorlopige cijfers over het eerste kwartaal van 2025 zijn gebaseerd op 83 procent van de cao’s waaruit de statistiek is opgebouwd. Drie kwart van de werknemers valt onder een cao.

In december 2023 is het CBS begonnen met een nieuwe reeks cao-lonen, met als basisjaar 2020. Meer informatie daarover is te lezen in een uitgebreide beschrijving: Indexcijfers van cao-lonen; methodebeschrijving reeks 2020=100

Deel dit artikel
Bron laatst geupdate: 3 april 25
Openrijk publicatie: 3 april 25
Bron: Centraal Bureau voor de Statistiek