20 januari 2026

In de nacht van 19 op 20 januari was er fel Noorderlicht te zien in grote delen van Nederland. Dit werd veroorzaakt door een uitbarsting op de zon een dag eerder waarbij er plasma met hoge snelheid vanaf de zon werd geslingerd in de richting van de aarde. Bij aankomst in de buurt van de aarde veroorzaakte dit een sterke geomagnetische storm.

Het Noorderlicht wordt veroorzaakt doordat ons aardmagnetisch veld behoorlijk wordt opgeschud. Veel deeltjes in dat veld worden dan naar de polen gericht waarbij ze botsen met onze atmosfeer. Daar komt licht bij vrij. Afhankelijk van de hoogte is de kleur ofwel rood of groen. Naast het plasma kwamen er ook snelle deeltjes van de zon. Deze zorgden ervoor dat radiocommunicatie over lange afstanden werd verstoord rond de polen. Dit had een impact voor noordelijke vluchten.

Naast dat het Noorderlicht in de noordelijke richting was te zien met een rode en groene gloed, was er dit keer ook een felle groene strook te zien recht boven Nederland. Dit geeft aan dat het een behoorlijk sterke geomagnetische storm betrof waarbij de aurora een stuk zuidelijker kwam dan gebruikelijk.

Wanneer is er weer een kans om het Noorderlicht te zien?

Voorlopig is er geen nieuwe kans op noorderlicht

Het actieve gebied op de zon is er nog steeds, maar op dit moment zijn er geen aanwijzingen voor een nieuwe uitbarsting richting de aarde. Voorlopig is er dus geen nieuwe kans op noorderlicht, maar dat kan altijd veranderen.

Waarschuwingen voor ruimteweer

Het KNMI waarschuwt de vitale sectoren voor de effecten van extreem ruimteweer, zoals bijvoorbeeld het verlies van lange-afstandsradiocommunicatie in de luchtvaart. We monitoren de situatie in de ruimte en vergroten het bewustzijn bij vitale sectoren over de mogelijke effecten. Extreme gebeurtenissen in het ruimteweer doen zich slechts enkele keren per eeuw voor. Maar omdat er verder in het verleden nog extremer ruimteweer is gemeten en omdat onze technologie steeds blijft veranderen, is het belangrijk om waakzaam te blijven. Ook draagt het KNMI bij aan internationaal wetenschappelijk onderzoek over ruimteweer.