De NWO-begroting 2026 is opgesteld en goedgekeurd door het ministerie van OCW. De begroting is de jaarlijkse budgetaanvraag van NWO met daarin de doelstellingen en ambities voor het komend jaar en de hiervoor benodigde middelen. In deze aanvraag – en de daarin opgenomen vooruitblik tot 2031 – zijn ook de door het demissionaire kabinet-Schoof opgelegde besparingen verwerkt.

Want ondanks een nieuw coalitieakkoord met positieve signalen zijn die nog niet definitief van tafel. Op middellange termijn kan NWO hierdoor minder investeren in de grondstoffen van Nederland – kennis en innovatie – met gevolgen voor onze toppositie in de wetenschap, strategische autonomie en brede welvaart. 

In een tijd waarin grote uitdagingen juist om innovatieve oplossingen vragen, kwam het vorige kabinet met een fors bezuinigingspakket op onderwijs en wetenschap. Ook NWO als wetenschapsfinancier is hiervan niet uitgezonderd. Ondanks een nieuwe coalitie, die dit lijkt te willen terugdraaien, blijven deze kortingen op dit moment nog een feit. Het budget krimpt de komende jaren met 25%: van € 1,6 miljard in 2025 naar € 1,2 miljard in 2031. Dat dwingt NWO om kritisch naar haar middelen te kijken, omdat zij haar publieke taak – zoals het er nu nog voorstaat – nu eenmaal met minder zal moeten uitvoeren. 

De drie oorzaken 

Zo komt OCW met een korting die oploopt tot € 146 miljoen in 2031: € 71 miljoen op de lumpsum en € 74 miljoen op specifieke programma’s – deels via het Fonds Onderzoek en Wetenschap – zoals Open Science, de Promotiebeurs voor Leraren en Grootschalige wetenschappelijke infrastructuur (GWI). Verder stopt het Nationaal Groeifonds – € 150 miljoen minder vanaf 2028 – en staat er nog zo’n € 100 miljoen aan (nu nog) tijdelijke opdrachten in de boeken. Soms kan NWO iets ten dele repareren. Zo vangt NWO de Open Science-havering op uit andere middelen, omdat juist toegang tot de wetenschap essentieel is. Al stopt de lerarenbeurs wel na 2027 en blijft NWO haar zorgen uiten over alle gevolgen. 

De lumpsum: ongeoormerkte middelen

De lumpsumkorting dient NWO zelf in te vullen, waarbij is gezocht naar een balans tussen bezuinigen op ongebonden en thematisch onderzoek. Zo hoopt NWO de gevolgen voor afzonderlijke programma’s zoveel mogelijk te beperken. Vanwege de vrije geest van de onderzoeker – die wegen durft in te slaan die nog nooit bewandeld zijn – het nationale belang van de tien NWO-instituten én de impact op de samenleving via praktijkgericht onderzoek en valorisatie, heeft NWO besloten om niet te besparen op: Open Competitie, het institutenonderzoek, praktijkgericht onderzoek en de valorisatieprogramma’s.

Toch moet er de komende jaren ook bespaard worden, waarbij naar een balans is gezocht tussen een verdeling over de Nationale Wetenschapsagenda (NWA), de talent- en infrastructuurprogramma’s en het Kennis- en Innovatieconvenant (KIC). Ook bezuinigt NWO in beperkte mate op Open Science en tegelijk op de eigen beheerslasten, waarmee zij als instelling ruimschoots voldoet aan de rijksbrede bezuinigingstaak op het ‘ambtenarenapparaat’. Een lastig besluit betrof tot slot om het programma Gebruikersondersteuning ruimteonderzoek in de loop van de tijd af te bouwen. Dit om zo andere relatief kleinere programma’s, zoals Caribisch onderzoek en het Nederlands Polair Programma, in stand te kunnen houden.

Wat merken NWO en de wetenschap hier al van in 2026?

In 2026 blijven de gevolgen met een totale uitgaveomvang van € 1,7 miljard nog wat minder merkbaar. NWO kan in 2026 meer uitgeven dan ze ontvangt, omdat er nog veel toekenningen aankomen binnen grote programma’s vanuit investeringen door eerdere kabinetten: er zit immers vaak een jaar tussen budgettoezegging, uitvoering en toekenning. Ook kan NWO dit jaar nog de strategische keuze maken om een beperkt aantal budgetten te verhogen; in 2026 betreft dit vooral de digitale infrastructuur, Europese partnerschappen en NWA. Op de langere termijn zal dit – als het nieuwe kabinet (een deel van) de bezuinigingen uiteindelijk toch niet terugdraait – echter wél steeds merkbaarder worden.

NWO benadrukt: blijf investeren in kennis en innovatie

De begroting is opgesteld in afwachting van de NWO-evaluatie 2020-2024 en een nieuw kabinet, dat meer wil investeren in onderzoek, kennis en innovatie. Een kans waarop NWO uiteraard zal inspelen. Intussen blijft zij – al biedt het nieuwe coalitieakkoord positieve signalen – haar zorgen uiten over onze positie als kennisland. Zo wordt onderzoek steeds afhankelijker van wetenschappelijke infrastructuur, waar nu op bezuinigd wordt en zullen tal van innovaties – van veiligheid, zorg, klimaat tot digitalisering – uitblijven. Dit terwijl Europa juist vraagt om 3% van het bbp te investeren in onderzoek en innovatie. Nederland staat op 2,3% en raakt achterop. Dit staat haaks op de Draghi- én Wennink-rapporten, die met nadruk adviseren om drastisch hierin te investeren. Zeker gezien de geopolitieke situatie, waarbij kennis steeds vaker als machtsmiddel wordt ingezet en strategische autonomie aan urgentie wint.

Vicevoorzitter Anka Mulder: “NWO heeft een zorgvuldige afweging gemaakt tussen enerzijds besparen en anderzijds investeren en zoekt continu zelf naar kansen om onderzoek, kennis en innovatie verder te brengen, zoals onze samenwerkingen met de ministeries van Klimaat en Groene Groei én Defensie. Stabiele financiering van wetenschap is en blijft echter noodzakelijk om Nederland vooruit te helpen.”