Sinds 16 januari troffen al negen stormen Spanje, Portugal en het noorden van Marokko. Wind en regen veroorzaakten schade en overstromingen. World Weather Attribution, een internationaal team wetenschappers, zocht uit hoe uitzonderlijk dit was en welke rol klimaatverandering speelt.
Slachtoffers, overstromingen en schade
In Spanje werden de afgelopen weken meer dan 12.400 mensen geëvacueerd door overstromingen en schade aan de infrastructuur door harde wind. In Portugal vielen zes doden tijdens storm Kristin, waarbij winden tot 202 km/u een miljoen mensen zonder stroom achterlieten en wijdverspreide schade aan gebouwen veroorzaakten. In Noord-Marokko eisten overstromingen 43 levens, verdreven 300.000 mensen en zetten 110.000 huizen onder water.
Opeenvolgende stormen
De negen stormen die sinds 16 januari een naam hebben gekregen staan in Tabel 1. Storm Pedro is de zestiende storm met een naam in het hele winterseizoen, dat in september begon. Het record staat op 17, dus het is niet onwaarschijnlijk dat het maximum in het seizoen 2025-2026, dat in april eindigt, zal worden overtroffen. Wat vooral uitzonderlijk is, is de opeenvolging van zoveel stormen die over dezelfde regio trokken. De animatie in afbeelding 1 laat de overtrekkende stormen zien met bijbehorende regengebieden.
| Storm | Datum naamgeving |
|---|---|
| Harry | 16 januari |
| Ingrid | 20 januari |
| Joseph | 25 januari |
| Kristin | 27 januari |
| Leonardo | 2 februari |
| Marta | 5 februari |
| Nils | 10 februari |
| Oriana | 11 februari |
| Pedro | 17 februari |
Afbeelding 1. Animatie van de wind op 5-6 kilometer hoogte en de hoeveelheid neerslag van 12 januari tot en met 2 februari 2026. De wind waait langs de contourlijnen, harder waar de lijnen dichter op elkaar liggen. ©KNMI/ERA5
Rol klimaatverandering
Om beter te begrijpen welke rol klimaatverandering speelt, hebben we gekeken naar twee gebieden (zie afbeelding 2): het noorden van Portugal en het zuidwesten van Spanje samen met het noorden van Marokko.
De recente overstromingen ontstonden niet alleen door één extreme bui, maar door een reeks zware stormen achter elkaar. Toch hebben we specifiek gekeken naar de dagen met de zwaarste neerslag tussen oktober en maart, omdat die de grootste schade veroorzaken.
Afbeelding 2. Neerslag in de ERA5 dataset op 26 januari en 4 februari 2026. De zwarte lijnen geven de twee bestudeerde regio’s weer. ©KNMI.
Uit metingen blijkt dat in beide regio’s de zwaarste neerslag duidelijk is toegenomen. Vergeleken met een klimaat dat ongeveer 1,3°C koeler was dan nu:
- is de extreme neerslag in de zuidelijke regio ongeveer 29% heviger geworden
- in de noordelijke regio is dit zelfs ongeveer 36% heviger
Dat zijn duidelijke en substantiële veranderingen.
We hebben ook gekeken naar klimaatmodellen om te zien of die deze toename goed kunnen reproduceren. Dat blijkt lastig. In de noordelijke regio laten de modellen slechts een toename van ongeveer 6% zien. In de zuidelijke regio laten de modellen zelfs geen duidelijke trend zien. Dat betekent dat de waarnemingen veel sterkere veranderingen laten zien dan de modellen voorspellen.
De conclusie is daarom tweeledig:
- Het is duidelijk dat klimaatverandering de zware neerslag heeft versterkt.
- Maar het is moeilijk om precies te zeggen hoeveel daarvan direct door klimaatverandering komt, omdat de modellen de waargenomen trend onvoldoende nabootsen.
Proactieve maatregelen beperken de schade
In alle drie de landen werden tijdig waarschuwingen afgegeven. Daardoor konden de autoriteiten snel ingrijpen en gerichte maatregelen nemen om de risico’s te beperken. Mensen zijn op tijd geëvacueerd, wat het aantal slachtoffers aanzienlijk heeft teruggebracht.
Elk verlies van leven is er één te veel. Maar dankzij de vroege waarschuwingen en het doortastende optreden van de hulpdiensten is een veel grotere ramp voorkomen.
